Sandr slaat tot 1000 graden warmte op in een container: ‘De industrie zit er om te springen’

Auteur zonder afbeelding icoon
bouweninstallatiehub
28 mei 2026
4 min

Sandr is een industriële warmtebatterij die warmte opslaat tussen 500 en 1000 graden. In de industrie zitten ze om die warmte te springen. Het systeem is zo simpel dat de kostprijs ver onder die van lithiumbatterijen ligt, vertellen de bedenkers.

“De hele industrie is ingericht op lage energieprijzen”, zegt Niels Tiemessen, die samen met Dennis Heijkoop Sandr Energy heeft opgericht. “Daardoor had energie besparen geen prioriteit, maar die tijd is echt voorbij. Restwarmte opvangen en hergebruiken wordt steeds belangrijker, en dat is wat wij met Sandr doen.”

Dennis Heijkoop en Niels Tiemessen

Kiezels of staalslakken

In de industrie is 80 procent van het energieverbruik voor het maken van warmte, gaat Niels verder. “Maar daar gebeurt nu nog veel te weinig mee. Wij slaan die restwarmte, maar ook warmte die wordt gemaakt uit overtollige elektriciteit, op in zand of kiezels. We kunnen er zelfs staalslakken voor gebruiken. Dat zou een mooie bestemming zijn voor materiaal dat niemand meer wil hebben.” “En we hebben geprobeerd ons systeem zo simpel mogelijk te houden”, vult zijn compagnon Dennis aan. “Dat houdt ook de kostprijs lager dan die van anderen.”

Ingenieus inblaassysteem

In principe is het systeem van Sandr gewoon een grote tank met een opslagmedium. Maar om die hoge temperaturen te bereiken is er meer nodig. De energie wordt uitgewisseld met behulp van lucht, die via een ingenieus inblaassysteem de tank warm in gaat en er koud weer uit komt. Het hergebruiken van die warmte is een kwestie van het omgekeerde proces: koude lucht erin en dan komt er warme lucht uit. Bijvoorbeeld een bakker kan er zijn restwarmte mee opslaan, die anders gewoon zou worden afgevoerd, om er de volgende dag zijn oven mee voor te verwarmen. Zo hoeft die veel minder energie te gebruiken om op temperatuur te komen. 

Energie op een binnenvaartschip

Maar er zijn meer toepassingen, vinden Niels en Dennis. “We kunnen tot een temperatuur van 1000 graden, dus Sandr kan op heel veel plekken in de industrie worden gebruikt”, zegt Niels. Ook zien ze mogelijkheden bij zonnevelden en windmolenparken. “Die moeten afschalen als ze hun energie niet kwijt kunnen op het net en zo lopen ze honderden miljoenen mis”, stelt Dennis. “De droom is dat we die energie ook in warmte omzetten en opslaan. Als die vanwege netcongestie niet meer als elektrische energie kan worden getransporteerd via het net, dan moet je die op een andere manier gebruiken. Dat kun je doen door het op te slaan in lithium batterijen. Dat kost nu 200 euro per kWh. Wij zitten daar ruimschoots onder met 20 euro. Bovendien heb je er geen milieubelastende materialen voor nodig, alleen materialen die hier voorhanden zijn.”

Vervolgens kunnen de batterijen worden vervoerd op een vrachtwagen of een binnenvaartschip. “Want ze hebben de vorm van een standaard container. En voor de industrie is die warmte hard nodig. Zo ontlast je het net, het is duurzaam en je hoeft windturbines en zonnepanelen niet af te schakelen.”

Niet beperkt tot 95 graden

Dennis en Niels kenden elkaar doordat ze ooit voor dezelfde werkgever werkten. Dennis was voor zichzelf begonnen met de ontwikkeling van een warmtebatterij op basis van water. De software die hij daarvoor ontwikkelde, gebruiken ze nu voor Sandr. “Die waterbatterij is best een goed idee”, zegt Dennis, “Het is goedkoop in de aanschaf, en je kan toch tot 95 graden warmte leveren. Maar je bent wel beperkt tot die 95 graden, terwijl industriële gebruikers om veel hogere temperaturen vragen. Niels had allerlei vergaande ideeën over de opslag van warmte in zand. Toen we elkaar tegenkwamen, zijn we samen op Sandr uitgekomen.”

De achterkant van een bierviltje

Sandr is op dit moment nog niet beschikbaar. eind juni moet de proof of principle operationeel zijn. “Dan loopt de deadline af voor de subsidie die we samen met onze implementatiepartner hebben gekregen. We hebben nu alle spullen, en die gaan we de komende anderhalve maand in elkaar zetten. Als dat gebeurt is, en hij is operationeel, dan is het een van de grootste warmteopslagfaciliteiten in Nederland, met een capaciteit van 6 mWh.” 

Het is op dat moment voldoende als ze tot 600 graden warmte kunnen opslaan en weer kwijt kunnen. De batterij hoeft nog niet te zijn aangesloten op de processen van het bedrijf waar hij staat. “In het najaar gaan we het dan integreren.”

Als we elkaar begin mei spreken, is het een spannende tijd voor de twee mannen. “Wat we ooit snel hebben uitgerekend op de achterkant van een bierviltje, zijn we nu echt aan het bouwen”, zegt Niels. “In een schuur hebben we zitten experimenteren en om het te maken hebben we onszelf allerlei disciplines moeten aanleren.”

Snelheid maken

De implementatieparnter is een metaalbewerkingsbedrijf met een poedercoatingstraat. Samen hebben ze de subsidie gekregen om de warmteopslag te bouwen. “Die samenwerking heeft veel voordelen”, benadrukt Niels. “Zij hebben een gigantisch gasverbruik en tegelijk veel zonnepanelen. Maar omdat terugleveren steeds minder oplevert, willen ze die energie nu echt zelf gaan gebruiken. Daarvoor hebben ze die warmteopslag nodig.

“En voor mij is het echt een speeltuin. Het is een metaalverwerkingsbedrijf, dus ze hebben buislasers, plaatlasers, zetbanken, alles wat ik nodig heb. Ik kan wat bedenken en dan wordt het daar in elkaar gezet. Dus dan kun je echt snelheid maken. Ideaal, zo’n partner die ook de middelen heeft om het te maken” 

 
Logo Bouw en Installatie Hub
Dit is een artikel van Bouw en Installatie Hub. Wil je op de hoogte blijven van al het nieuws uit de bouw- en installatiesector? Neem dan een kijkje op de hub en meld je aan voor de online community.